Stappenplan 

1.
Mentor
De mentor is degene die het dichtst uw zoon of dochter staat. Hij/zij is voor zowel leerlingen als ouders dé persoon om contact op te nemen wanneer er vragen, zorgen en problemen zijn. Zie voor meer informatie het onderdeel over mentoraat.
2.
Zorgoverleg
Wanneer een teamleider, een mentor, vakdocenten of conciërges zich zorgen maken over een zoon/dochter/leerling, dan is er in elk team van de school een zorgcoördinator beschikbaar. Deze deskundige bepaalt in overleg of een aanmelding van het zorgloket (IZO) nodig is. Daar worden, indien mogelijk in het bijzijn van de mentor, leerlingen besproken. Dit team bespreekt wekelijks leerlingen en probeert voor hen zo spoedig mogelijk de juiste ondersteuning te vinden en/of te bieden. Het Interne Zorgoverleg (IZO) bestaat uit vier zorgcoördinatoren (elke team binnen de school heeft een eigen zorgcoördinator), een secretaresse en een voorzitter. De zorgcoördinatoren hebben elk ook nog hun specifieke deskundigheid: jeugdpsycholoog, schoolmaatschappelijk werker, specialist leerproblemen. Indien mogelijk schuift de mentor van de leerling aan bij de bespreking. Eens per zes weken schuiven bij het zorgloket ook deskundigen aan van buiten de school: een schoolarts, leerplichtambtenaren, een psycholoog van Eleos en iemand van het jeugdteam Gorinchem. Ook kunnen we anderen uitnodigen (bijvoorbeeld de wijkagent). Dit noemen we een ZAT-vergadering (Zorgadviesteam).
3.
Satellietklas
De satellietklas is geen klas zoals een gewone klas. Het is een plaats binnen school waar een leerling heen kan gaat voor een extra steuntje in je rug. In de satellietklas zitten leerlingen uit verschillende klassen en van verschillende niveaus. Zowel op het hoofdgebouw als op de dependance is een s-klas te vinden. Indien nodig kan de s-klasbegeleiding wordt aangevuld met huiswerkservice: na de lesdag kan de leerling op school huiswerk plannen, maken en leren. Het doel is uitstromen naar de reguliere lessen. Het doel van de ondersteuning vanuit de s-klas is de leerling te helpen zonder de s-klas zijn schoolloopbaan te vervolgen.
4.
Trajectklas
Op de Gomarus hebben we ook een klas voor leerlingen die meer ondersteuning nodig hebben dan in de s-klas geboden kan worden. Dat is de trajectklas, op de dependance. Hier volgt de leerling tijdelijk (bijna) alle lessen. In de t-klas zitten leerlingen uit verschillende klassen en van verschillende niveaus. Per leerling wordt gekeken wat nodig. Als het mogelijk is om (weer) de lessen met de klas te volgen, dan wordt dat geprobeerd. Het doel is uitstromen naar de reguliere lessen, eventueel met ondersteuning van de s-klas.
5.
Team MPO
Voor leerlingen die beperkt zien (cluster1) of horen (cluster2) willen we -indien mogelijk- ondersteuning bieden, in samenwerking met een externe ambulant-begeleider van Kenniscentrum Bartimeus (cl1) [link] of Kentalis (cl2) [link]. De leerling kan op school naast de mentor een coach toegewezen krijgen met wie hij/zij regelmatig een gesprek heeft. Ook wanneer de leerling nog geen arrangement heeft, willen we hem/haar proberen te helpen. Wanneer er sprake is van een lichamelijke beperking of langdurige ziekte (LG of LZ), dan is er in overleg (indien nodig met externe deskundigen) veel mogelijk: een kopieerpas, gebruik van s-klas om te rusten en huiswerk te maken, een aangepast rooster, een liftsleutel, een aangepast examenprogramma enzovoort. De inhoud van deze vorm van begeleiding is steeds maatwerk, bijvoorbeeld uitleg aan docenten, praktische tips voor de leerling en de klas, aanpassingen in toetsen en opdrachten.
6.
LWOO
LWOO staat voor leerweg ondersteunend onderwijs. LWOO is geen aparte leerweg. De leerlingen worden geplaatst in een VMBO-basisklas met LWOO. Sinds 2016 zijn er mogelijkheden op leerwegondersteuning te krijgen op kader- en mavoniveau voor de eerste twee leerjaren. Een leerling komt in aanmerking voor LWOO bij bepaalde achterstanden ten opzichte van de normgroep. Er wordt les gegeven in kleine, prikkelarme lokalen in een rustige gang. De LWOO-docenten geven meestal meerdere vakken aan de klassen, waardoor er voor de leerlingen weinig verschillende docenten zijn. Er is intensief contact tussen mentor, assistent, leerling en ouders. Er is veel oog voor ondersteuning op sociaal-emotioneel en leergebied. Indien nodig kan een LWOO-leerling begeleiding krijgen van de huiswerkservice. De assistenten van het LWOO vormen een belangrijke schakel tussen de leerling en de docenten.
7.
Externe hulpverlening
Voor sommige leerlingen wordt door het Zorgloket intensievere begeleiding geadviseerd, zogenaamde tweedelijnszorg. Wanneer ouders en leerling kiezen voor Eleos, dan kunnen leerlingen gebruik maken van de begeleiding door Eleos op onze school. De aanmelding verloopt ‘gewoon’ via Eleos [link]. Graag dan wel vermelden dat het wenselijk is de begeleiding te laten plaatsvinden op de Gomarus. Dan wordt daarmee namelijk rekening gehouden bij de intake. Op advies van hulpverleners kan ook de voorziening [link] in Dordrecht ingezet worden. Eleos/De Hoop verzorgt behandeling/opname en De Rank verzorgt onderwijs, in nauw overleg met de Gomarus.